Adel in 'Limburg' of de Limburgse adel

Geschiedenis en repertorium 1590-1990

Lou Heynens


 ISBN/EAN: 978-90-79444-01-4
 NUR-code: 680
   
 Prijs: € 36,50 € 29,50
 Illustraties: Kleur en zwart-wit
 Formaat: 16,5 x 24,5 cm
 Pagina's: 416
 Bindwijze: Gebonden
 Verschenen: 2008

Een groot aantal provincies pronkt sinds jaren met interessante boekuitgaven over hun ridderschap en adelstand. Het toenemend besef van de rol van de adel in het verleden is onlosmakelijk verbonden aan het inzicht dat de provinciale- of regio-adel uiteindelijk het 'gezicht' van de geschiedenis is. In Limburg kwam die belangstelling nauwelijks tot ontwikkeling. Lou Heynens, publicist over adel en kastelen, dichter en beeldend kunstenaar heeft een noodzakelijke inhaalslag gemaakt.

Voor de Limburgse maar ook Nederlandse geschiedschrijving is "Adel in 'Limburg' of de Limburgse adel. Geschiedenis en Repertorium 1590-1990" niet zonder betekenis. Het is het eerste handboek over de Limburgse adel met een voor Nederland uniek repertorium dat herkomst, adellijke status, bezittingen en literatuurvermeldingen van 200 geslachten beschrijft. Alle Limburgse edellieden die een belangrijke politieke bestuursfunctie hebben bekleed – van provinciaal statenlid tot minister – zijn met biografische gegevens in het boek opgenomen.

Het nieuwste boek van Heynens moet worden beschouwd als de apotheose van een bijzonder ambitieuze en lang volgehouden onderzoeksinspanning. Het meer dan 400 pagina's dikke boek, met een groot aantal foto's in kleur alsook zwart-wit, heeft vooral de bedoeling een verkenningstocht te zijn naar die families die tot de toplaag van bestuurders behoorden, waarbij de auteur aan de hand van een aantal criteria de adel klassificeert, indeelt en positioneert.
Er zijn in het boek verder overzichten en tabellen die de positie van de adel - de 200 opgenomen geslachten - in de Maasprovincie op een overzichtelijke wijze in beeld brengt.

De periodisering 1590-1990 bevreemdt wellicht op het eerste gezicht. Maar vanaf 1590 kon men het Overkwartier van Gelre (het grootste gedeelte van Noord- en Midden-Limburg) rekenen tot de Zuidelijke Nederlanden en behoort daardoor mede tot het 'voorontwerp' van het latere Limburg.
Deze uitgave met zijn 400 jaar adelsgeschiedenis vormt een zeer belangrijke bijdrage tot de geschiedenis van Limburg. De auteur is er daadwerkelijk in geslaagd zijn breed uitgewerkte verkenning inhoudelijk gestalte te geven.

Dit boek bevat de volgende geslachten:

van Aefferden, van Aerdt, Arrazola de Oñate, d'Arberg de Valangin, d'Arschot Schoonhoven, van Baerle, van Baexen / van Baexem, de Beeckman / de Beeckman de Libersart, (van) Bentinck, van den Bergh, van den Bergh (II), von Berghe von Trips, de Bieberstein Rogalla Zawadsky, de Bierens, de Billehé de Valensart, van Binckhorst / van Binckhorst tot den Binckhorst, von Binsveld, von Blanckart / de Blanckart, von Bocholtz, von Bock, van den Boetzelaer, von dem Bongart, de Borchgrave d'Altena, Borluut d'Hoogstraete, de Borman, de Bounam de Ryckholt, van Brempt / von Brempt, von Brewer genannt von Fürth, van Breyll / von Breill, van Brienen (II), van Broeckhuysen / von Broechhausen, van Bronckhorst (-Batenburg), de Brouckère, de Broukmans, de Cecil, de Chestret de Haneffe, von Clermont, de Cocq van Haeften, de Collaert, Colyn van Beusdael, de Copis, de Corswarem, van Cortenbach, de Coune, de Cox van Hommelen, de Crassier, von Dalwigk-Lichtenfels, de Danner, Dobbelstein, van der Does de Willebois, von Dopff / de Dopff, von Efferen, von Elmpt, von Emminghaus, van Erp / d'Erp, von Eyll / van Eyll, von Eynatten / van Eynatten, Forstner de Dambenoy, von Fürstenberg, de Gavre / van Gaveren, van Gelder / von Gelder (Gelre/Geldern), de Geloes / de Geloes d'Elsloo / de Geloes d'Eysden, Gericke van Herwijnen, von Geusau / van Geusau, von Geyr von Schweppenburg, van Ghoor / van Ghoir, von Hatzfeldt, de Hayme / de Hayme de Houffalize, van Heerdt / van Heerdt tot den Eversberg, van Heiden / von Heiden-Hompesch, Hesselt van Dinter, de Heusch / de Heusch de la Zangrye, von der Heyden genannt Belderbusch, von und zu Hoensbroech / van Hoensbroek, Hoen van Cartils / Hoen de Cartils, Hoen de Neufchâteau, van Holthuysen / von Holthausen, van Holtmoelen / von Holtmühlen, von Hompesch / von Hompesch-Rürich, de Horion, van der Horst, van Hövell / van Hövell tot Westerflier, de Hoyos, van Hulsberg genaamd Schaloen, von Hundt zum Busch, Huyn van Amstenrade / Huyn van Geleen, van Imstenraedt, de Kerckem / van Kerkom, Kerens / Kerens de Wolfrath / Kerens de Wylre, van Kessel genaamd Roffaert, de Keverberg / de Keverberg van Kessel, Kinsky zu Wchinitz und Tettau, de Kuyper, van Laer, de Lamberts de Cortenbach / Lamberts von Cortenbach, von Leerodt / de Leerodt, de Lenarts d'Ingenop, de Léonardts d'Achel, von der Leyen / von der Leyen zu Hohengerolsegg, de Liedel / de Liedel de Well, de Liedekerke / de Liedekerke de Pailhe, de Ligne, van Limburg Stirum, von der Lippe genannt Hoen, de Loë / von Loë, von Lommessen, van Lom / von Lom / de Lom de Berg, de Looz Corswarem / de Corswarem, van Lynden / von Lynden / d'Aspremont-Lynden, de Macar, van der Maesen de Sombreffe, de Marchant et d'Ansembourg, de la Margelle, van Meer / de Meer d'Osen, van Meeuwen, de Membrède, de Menten de Horne, de Mérode / von Merode, van Merwijck, Michiels van Kessenich / Michiels van Verduynen, de Moffarts / de Moffarts de Hoeselt, de Negri, Olislagers / Olislagers de Sipernau, d'Olne, van Pallandt, van Panhuys, de Pas de Feuquières, von Pelser Berensberg / van Pelser Berensberg, Petit (d'Oudenborgh), Pichot van Slijpe, von Plettenberg, de Plévits, de Pollart / van Polla(e)rt, de Preston, von Quadt zu Wickradt / de Quadt-Hüchtenbruck, de Rave / van Rave, de Renesse / de Renesse-Breidbach, de Rhoe d'Obsinnich / de Rhoe van Obsinnich, von Riedesel zu Eisenbach, van Riemsdijk, von Rochow / von Rochau, Roëll, de Rosen / de Rosen de Borgharen, Ruijs de Beerenbrouck, von Saint-Remy / de Saint-Remy, zu Salm, Sandberg, van den Santheuvel, van Sasse van Ysselt, van Schaesberg / von Schaesberg, Schellart von Obbendorf, Schenck von Nydeggen, van Scherpenseel-Heusch, de Schiervel, de Selys de Fanson / de Selys de Longchamps, de Senzeille, Simon de Vlodrop, van Slijpe, de Spirlet, van Splinter, de Stenbier de Wideux, von Stepraedt / van Stepraedt, de Stockhem, zu Stolberg-Stolberg, de Stuers, de Surlet de Chokier, van Strijthagen, de Theux de Meylandt, de Thier, von Thimus, de Tiecken de Terhove, zu Toerring-Jettenbach / zu Törring-Jettenbach, von Tunderfeldt, von Tzievel / van Tzievel / van Zvevel, van Verschuer, Vilain XIIII, de Villenfagne / de Villenfagne de Vogelsanck, de Villers de Masbourg, de Villers de Pité, von Vlatten, van Vlodrop / von Flodrop, de Vos van Brunssum, Vrijthoff, van Vucht, von Wachtendonck / van Wachtendonck, de Waha / de Waha de Baillonville, von Waldeck und Pyrmont, de Warzée d'Hermalle, de Weichs de Wenne / von Weichs zur Wenne, von Westerholt und Gysenberg, von Westrem / van Westrum, van Wevelinchoven de Sittert, von Winkelhausen / van Winkelhuysen, von Wittenhorst, de Woelmont d'Opleeuw, Wolff-Metternich, von Wylre, von Wylich und Lottum, von Wymar von Kirchberg, von Zantis / Zantis de Frymerson


Enkele stemmen:
"Das Werk ist nicht nur inhaltsreich wertvoll für die Erforschung des Limburgischen Adels, sondern auch ein wichtiger Mosaikstein, der bisher noch bei der Erforschung des Adels in Europa gefehlt hat. Eine Fleissarbeit sondersgleichen hat Lou Heynens sich dort geschaffen, die unsere volle Anerkennung findet."
Institut Deutsche Adelsforschung, Kiel

"Het is een verrijking van de adelsrechtelijke literatuur."
Mr.dr. Vincent van der Burg, Zeist

"Anno 2008 is de adel een uitstervend fenomeen. Dat Heynens juist nu een begin heeft gemaakt met het scheppen van enige orde in de brij van geschiedenissen, valt daarom alleen maar toe te juichen."
Dr. Paul van der Steen, Dagblad De Limburger/Limburgs Dagblad

<< Vorige pagina